Van depot tot tentoonstellingszaal
In het restauratieatelier van The Phoebus Foundation maken we kennis met Maron Zwakman, junior restaurator. In haar rol waakt zij over de bruiklenen van de stichting, een verantwoordelijkheid die de voorbije jaren alleen maar is toegenomen. Steeds meer kunstwerken uit de collectie reizen stad en land af om in binnen- en buitenlandse musea aan het publiek te worden gepresenteerd. Soms gaat het om een select aantal werken, in andere gevallen om volledige tentoonstellingen. Recente voorbeelden zijn Saints, Sinners, Lovers, and Fools in het Royal Ontario Museum in Toronto, Garden of Delights. The Seventeenth-Century in Bloom in he Kadriorg Art Museum in Tallinn en de recent aangekondigde tentoonstelling Wonders of the World – From Maps to Masterpieces, die eind 2026 opent in het National Museum of Oman.

Voorbereiding tot in detail
Voordat een kunstwerk op reis kan vertrekken, doorloopt het een zorgvuldig en gelaagd traject. Een eerste stap is nagaan of het object in kwestie überhaupt kan reizen en of de omstandigheden bij de ontvangende instelling geschikt zijn. Vervolgens wordt tot in detail bekeken wat het kunstwerk nodig heeft om veilig vervoerd en tentoongesteld te worden. Dat kan betekenen dat een inlijsting moet worden aangepast, dat een speciaal voetstuk wordt ontworpen voor voldoende ondersteuning, of dat een klimaatbox noodzakelijk is. In sommige gevallen gaat hier ook een restauratiebehandeling aan vooraf.

Een essentieel onderdeel van deze voorbereiding is het conditierapport, waarin de toestand van elk object nauwkeurig wordt vastgelegd. Zo kunnen eventuele veranderingen tijdens transport of tentoonstelling meteen worden opgemerkt en opgevolgd.
Een concreet voorbeeld: Jean Brusselmans in Brussel
Momenteel bereidt Maron een schilderij van Jean Brusselmans voor op een tentoonstelling in BOZAR, die in oktober 2026 opent. Het werk vraagt bijzondere aandacht door fragiele, opstaande verfschilfers en een vervuild verfoppervlak. Via een zorgvuldige oppervlaktereiniging en het consolideren van de verfschilfers wordt het schilderij opnieuw gestabiliseerd, zodat het straks veilig en in optimale conditie aan het publiek kan worden gepresenteerd.



Zorg bij terugkeer
Ook na afloop van een tentoonstelling blijft de zorg voor de kunstwerken centraal staan. Eind januari 2026 liep Tuin der Lusten af in het Kadriorg Art Museum. Voor deze tentoonstelling reisden Maron en haar collega’s naar Estland om de deïnstallatie van ongeveer 300 objecten te begeleiden, variërend van schilderijen en textiel tot taxidermie.



Ter plaatse werd de balans opgemaakt en bekeken welke werken bij terugkeer naar het depot extra aandacht nodig hadden. Zo werd ervoor gezorgd dat elk kunstwerk, ook na een intensieve reis en presentatie, opnieuw veilig en in optimale staat kon worden opgeborgen.
Achter elke tentoonstelling en elk bruikleen schuilt een zorgvuldig proces dat zich grotendeels achter de schermen afspeelt. In het restauratieatelier van The Phoebus Foundation wordt ervoor gezorgddat kunstwerken veilig kunnen reizen, verantwoord worden getoond en na afloop opnieuw in optimale staat worden bewaard. Zo blijft de collectie, waar ter wereld ze ook wordt gepresenteerd, met dezelfde zorg behandeld.