Maak kennis met onze nieuwe Phoebus Fellow: Alexandra Taylor!  Helemaal uit Nieuw-Zeeland vervoegde Alexandra in april ons restauratorenteam. Ze zal hen drie maanden lang assisteren bij diverse projecten.

Alexandra mocht meteen beginnen met de behandeling van Jan Miel’s Feestend volk op een kermis in Prati, buiten de muren van Rome, met de Basilica di San Pietro en de Monte Mario in de achtergrond. Het werk werd vervaardigd in opdracht van Marchese Tommaso Raggi (1595/6-1679), omstreeks 1650.

Tijdens de behandeling, na vernisafname

“De grondige analyses en het technisch onderzoek die vooraf gaan aan een restauratiebehandeling  vind ik razend interessant! Het is de manier om dichter bij de meester te komen en zijn materialen en technieken te ontdekken.  Het zijn vaardigheden die ik graag verder wil ontwikkelen. The Phoebus Foundation zet sterk in op deze analyses en dus is het voor mij een geweldige kans om enkele maanden mee te werken in het Phoebus atelier. Dankzij infraroodreflectografie heb ik bijvoorbeeld inscripties en pentimenti ontdekt in het schilderij van Jan Miel,  die bij normaal licht nauwelijks zichtbaar en dus veel moeilijker te begrijpen zijn!”

Ontdekking van pentimenti met daglicht, bewerkt in photoshop

“De restauratiebehandeling is geen sinecure! Niet alleen worden donkere vernislagen en overschilderingen weggenomen, ook de drager wordt volledig aangepakt. Het zal er binnenkort veel kleurrijker en stabieler uitzien!”

Benieuwd naar het eindresultaat van Alexandra’s restauratiebehandeling? Blijf onze website, nieuwsbrief, Instagram en Facebook in de gaten houden!

Een kleine maand geleden opende Zot van Dimpna te Geel! Projectcoördinator Niels Schalley vertelt je graag meer over het reilen en zeilen achter de schermen van deze fascinerende tentoonstelling:

“Met twee jaar vertraging omwille van Covid-19 was het fantastisch om de tentoonstelling eindelijk naar de Sint-Dimpnakerk in Geel te kunnen brengen. We keken dan ook reikhalzend en vol spanning uit naar de installatie van het Dimpna-altaarstuk op deze unieke plek. Dankzij de Crazy about Dymphna expo in Tallinn hadden we de hele opbouw al eens uitgevoerd en hadden we het volste vertrouwen dat alles vlot zou verlopen.”

“Met twee jaar vertraging omwille van Covid-19 was het fantastisch om de tentoonstelling eindelijk naar de Sint-Dimpnakerk in Geel te kunnen brengen. We keken dan ook reikhalzend en vol spanning uit naar de installatie van het Dimpna-altaarstuk op deze unieke plek. Dankzij de Crazy about Dymphna expo in Tallinn hadden we de hele opbouw al eens uitgevoerd en hadden we het volste vertrouwen dat alles vlot zou verlopen.”

“In tegenstelling tot de locatie in Tallinn, de ontwijde Niguliste kerk, is de Sint-Dimpnakerk nog wel actief. Dit is een enorm voordeel aangezien het Dimpna-altaarstuk op die manier huist tussen de vele verborgen kunstschatten in een van de mooiste kerken van Vlaanderen. De acht panelen van het altaarstuk zijn zo opgesteld dat ze een echte ommegang vormen. Bijhorende sokkels met video’s vertellen razend interessante weetjes en emotionele getuigenissen. Op die manier ontluikt het verhaal van de heilige Dimpna in al haar glorie en facetten.”

Benieuwd? Reserveer snel je ticket voor slechts één euro!

Titania Hess en Laura Guilluy nemen je mee achter de schermen van het Phoebus restauratieatelier!

Jacob Jordaens, Triomferende Christus en de negen boetelingen (voor restauratie), ca. 1635-40
Na verwijdering vernislaag en reiniging van de verflaag
 

“Jordaens’ Triomferende Christus en de negen boetelingen onderging een volledige restauratie! Aangezien het schilderij bij een eerdere behandeling bedoekt was geweest, bevond het doek zich in uitstekende staat. De restauratiebehandeling bestond dan ook voornamelijk uit het verwijderen van een geoxideerde vernis en aangekoekte aarde. Met zachte oplosmiddelen en waterige gels slaagden wij erin de originele verflaag en haar verbluffend kleurenpalet bloot te leggen. Enkele retouches en twee vernislagen waren de laatste handelingen van onze restauratie.”

Ma-XRF scan
Aanduiding belangrijkste zones met gewijzigde composities

“Voorafgaand aan onze behandeling werd het schilderij onderworpen aan een uitgebreide studie, uitgevoerd door Phoebus hoofdrestaurator Sven Van Dorst.  Met behulp van technische analyses zoals MA-XRF scans werden verschillende wijzigingen in de compositie ontdekt, waarschijnlijk als gevolg van veranderingen in de afmetingen van het doek.

Wat bleek? Jordaens schilderde een eerste compositie op een minder breed doek maar vergrootte het schilderij na verloop van tijd, waardoor hij de uiteindelijke compositie kon realiseren. Jordaens was niet aan zijn proefstuk toe: ook bij andere schilderijen die toegeschreven worden aan de Antwerpse meester konden zulke vergrotingen teruggevonden worden. Deze analyses en bevindingen zijn van cruciaal belang om de techniek van de Antwerpse grootmeester beter te begrijpen!”

Na restauratie

Ook in 2022 gaan we van start met boeiende restauratieprojecten in het atelier van The Phoebus Foundation! Naomi Meulemans, restaurator van de moderne en hedendaagse deelcollecties, overziet de restauratie campagne van de installatie Los Muñecos, vervaardigd in 1916 door Italiaans – Argentijnse kunstenaar Libero Badii (1916 – 2001).

Libero Badii, een van de Los Muñecos, 1916

Los Muñecos ofwel De poppen is een indrukwekkende installatie van 14 houten beschilderde sculpturen van bijna 5 meter hoog. De instabiliteit van het hout en de drastische afschilfering van de verflagen vragen om een uitvoerige restauratie.

Elke pop draagt een titel die verwijst naar een maatschappelijke personificatie. Net zoals in de maatschappij waarin we met elkaar verbonden staan, worden ook deze sculpturen met elkaar in de ruimte verbonden door een kabel. Bovendien worden ze ook samengehouden door een ‘Tablero’, symbool voor de draaischijf van geluk.

Installatiemaquette en draaischijf

Reeds in 2017 startte restaurator Naomi deze campagne met een vooronderzoek, samen met  restaurator en specialist hedendaagse kunst Frederika Huys. Aanvullend werd een materiaalanalyse uitgevoerd in het atelier. Met verrassend resultaat: x-ray fotografie toont aan dat de huidige schade deels een gevolg is van het vervaardigingsproces! Samen met restaurator Giovanna Tamà en het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK-IRPA) wordt de zoektocht naar de problematiek achter de verfafschildering verdergezet. Dit alles zal leiden tot een deontologisch verantwoorde restauratie en onderzoekspublicatie in 2022.

Wordt vervolgd!

Zoals gebruikelijk bij de The Phoebus Foundation gaan restauratie en onderzoek hand in hand. Een mooi voorbeeld daarvan is Onze-Lieve-Vrouw van de Kandelaar, een anoniem Peruviaans doek uit de 18e eeuw, dat tot de collectie Latijns-Amerikaanse kunst uit de koloniale periode behoort. Conservator Carlos González Juste geeft meer uitleg over de behandeling en het onderzoek van dit fascinerende werk.

Anoniem, Onze-Lieve-Vrouw van de kandelaar, 18de eeuw (voor de behandeling)

“Dankzij de dunne verflaag konden we met het blote oog al zien dat er zich een vroegere schildering onder de compositie zou bevinden. Technische studies (IRR-fotografie, röntgenfoto’s, MA-XRF-scanning en houtanalyse) bevestigden onze vermoedens en legden het bestaan van een volledig afgewerkt schilderij eronder bloot!”

Verwijdering van vernis en overschilderingen

“Met de behandeling en het onderzoek van Onze-Lieve-Vrouw van de Kandelaar trachten we niet alleen de fysieke integriteit van het kunstwerk te bewaren en het vroegere kleurrijke en delicate uiterlijk te herstellen. We vergroten ook onze kennis over de technieken, materialen en gewoonten van de 17de- en 18de-eeuwse schilderspraktijken in Peru.”

Detail bij normaal licht (links) en de röntgenopname van hetzelfde gebied (rechts)

Voor de tentoonstelling James Ensor in Kunsthalle Mannheim (DL) reisde restaurator Naomi Meulemans in 2021 als koerier naar Duitsland om te helpen bij de installatie van maar liefst 5 kunstwerken die The Phoebus Foundation voor dit project in bruikleen gaf.

Het werk van de Belgische kunstenaar James Ensor (1860-1949), de beroemde “schilder van maskers”, is diepgeworteld in de geschiedenis van de Kunsthalle Mannheim. Reeds in 1928 werd de schilder daar in een solotentoonstelling gevierd als een belangrijke en uitzonderlijke hedendaagse kunstenaar. De tentoonstelling die in juni 2021 opende concentreerde zich op Ensors beroemde zelfportret-masker-dood-stillevenmotieven, die een belangrijke plaats in zijn oeuvre opeisen.

James Ensor, Geraamten in travestie, 1894

Omwille van de Covid-19 restricties was het een hele uitdaging voor onze koerier om aanwezig te kunnen zijn. Naomi is er echter in geslaagd om de installatie van alle 5 de kunstwerken te overzien en een aangepast en correct klimaat in de museumzalen te garanderen – een absolute vereiste voor deze waardevolle en fragiele kunstwerken.

Phoebus Fellow Anna Rota (IT) neemt je mee achter de schermen van haar restauratieproject bij The Phoebus Foundation:

“Ondanks het kleine formaat (25 x 25 cm) trekt dit schilderij uit het atelier van Joos Van Cleve (1485-1541) meteen onze aandacht. De ongebruikelijke ruitvormige drager lijkt uniek te zijn in het oeuvre van de kunstenaar en roept vragen op over de verspreiding van ruitvormige schilderijen in de Renaissance schilderkunst.”

Joos Van Cleve (atelier), Maria met Kind en een peer, ca. 1530
Voor behandeling, ingelijst

“De gezichtstonen, met een uitzonderlijk zachte overgang tussen licht en donker, doen denken aan het “sfumato” van Leonardo Da Vinci. De kunstenaar had bijzonder veel aandacht voor details en gebruikt hiervoor verschillende materiële trucjes: kijk maar naar de dikte van de kleurlaag van de parels in het haar van Maria of de plooien van de witte sluier langs haar halslijn. Het haar van Maria en de gezichten en handen zijn dan weer met zeer dunne penseelstreken weergegeven.”

Onderschildering, detail zichtbaar aan de randen

“Na het verwijderen van vernis en retouches kwamen de prachtige kleuren van de gezichtstonen weer naar boven, evenals sommige details die voorheen minder zichtbaar waren. Dankzij de restauratie hebben we ons kunnen verdiepen in de schildertechniek van Van Cleve en zijn atelier.”

Na reiniging en verwijdering van vernis

Kunsthistorica Anne-Rieke van Shaik (NL) focuste tijdens haar fellowship op de deelcollectie topografie en cartografie. Anne-Rieke vertelt je graag meer over de inhoud van haar Phoebus Fellowship:

 “Ik ben gebeten door vroegmoderne media, de narratieve kwaliteiten van cartografie, en de verwevenheid van kaarten, boeken en prenten in deze periode. Als lid van het Explokart Research Programme on the History of Cartography (Universiteit Amsterdam) werk ik aan diverse projecten zoals een cartografische database en een handboek rond historische cartografie.”

“Tijdens mijn Phoebus Fellowship onderzocht ik de grote verscheidenheid aan objecten uit de rijke deelcollectie topografie en cartografie; variërend van zeekaarten, militaire nieuwskaarten, stadsgezichten en vroege wereldkaarten tot gekleurde atlassen, reisboeken en globes. Ik inventariseerde de voorwerpen verder en verbeterede en vulde de catalogusbeschrijvingen aan. De opvallende resultaten en schatten van de collectie zullen later gepresenteerd worden aan een breder publiek, bijvoorbeeld in de vorm van een tentoonstelling of publicatie.”

Anoniem, ‘Veroveringh van Thienen’, na 1635
Johannes Van Keulen, ‘De Groote Nieuwe Vermeerderde Zee-Atlas ofte Water-Werelt’, 1688

Wat vliegt de tijd! Na meer dan zeven maanden namen we eind november 2021 afscheid van de stad Tallinn, waar we de tentoonstellingen From Memling to Rubens en Crazy about Dymphna in het Kadriorg Museum en het Niguliste Museum toonden. Wat was het een bijzondere eer om voor de eerste keer ooit naar het buitenland te reizen met onze omvangrijke collectie oude meesters! Wij zijn onze partners in Estland dan ook uitermate dankbaar voor deze unieke opportuniteit. Wegens hun grote succes werden beide tentoonstellingen met een maand verlengd zodat de bezoekers nog langer konden genieten van deze topstukken. Begin december 2021 reisde het team van The Phoebus Foundation naar het sneeuwachtige Tallinn om de afbouw in goede banen te leiden en de kunstwerken terug thuis te brengen.

Geen goeie collectieregistratie en mooie boeken zonder perfecte foto’s. Neem een blik achter de schermen van onze fotostudio waar onze fotografen diverse kunstwerken vastleggen met hun lens. Michel vertelt je graag meer over deze boeiende en uitdagende taak.

Verschilt de fotografie van kunstobjecten veel van andere fotografiegenres?

“Kunstfotografie is toch een specialisatie op zich. Veel mensen denken dat je gewoon een schilderij of sculptuur voor een witte achtergrond zet, op een knopje drukt en that’s it. De realiteit is veel complexer. De fotografie van kunstobjecten is enorm technisch omwille van de grote materiële diversiteit van de kunstwerken. Een glazen vaas, een manuscript of een schilderij vragen elk bijvoorbeeld om een totaal andere opstelling en belichting. Bovendien moeten deze tijdens de opnames voortdurend bijgesteld worden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld modeshoots, waarbij het licht quasi ongewijzigd blijft en het model verschillende poses aanneemt om zo goed mogelijk in beeld te komen, is het bij kunstfotografie de fotograaf die moet spelen met licht en schaduw. Het kunstwerk beweegt niet hé (lacht). Het is telkens opnieuw een vraagstuk dat opgelost moet worden.”

Michel in actie

Vanwaar je interesse en specialisatie in kunstfotografie?

“Ik ben er eigenlijk toevallig ingerold! Een van mijn eerste opdrachten was de fotografie van twee terracottavazen uit de Dominicaanse Republiek voor een advertentie. Sindsdien heb ik voor verschillende instellingen gefotografeerd en heb ik meegewerkt aan diverse projecten. Al die jaren later vind ik het nog steeds enorm verrijkend. Er passeert een enorm breed scala van objecten voor mijn lens en ik kan de kunstvoorwerpen ook langs alle kanten bekijken. Ik ontdek vaak verrassende details!”

Welke objecten fotografeer je het liefst?

“Zonder twijfel sculpturen. In de meeste gevallen zijn ze langs alle kanten uitgewerkt, alsof de beeldhouwer wil dat je er rond kan lopen. Als fotograaf ga ik dan steeds op zoek naar de beste hoek om het kunstwerk zo dynamisch mogelijk weer te geven. Het is een echt experiment met licht en schaduw.”

Ontdek de bijzondere deelcollectie Maritiem en Logistiek Erfgoed van The Phoebus Foundation! Een enthousiast team van vrijwilligers staat in voor het dagelijks reilen en zeilen van deze buitengewone verzameling. Als gepensioneerde havenarbeiders en/of erfgoedliefhebbers kennen zij deze collectie van historische stootwagens, tractors, monster-, meet- en weegtoestellen op hun duimpje. Wekelijks verzamelen zij in het depot Argentin in Antwerpen Noord waar zij samen werken aan het onderhoud en ontsluiting van de verzameling. 

Vrijwillers aan het werk aan de Antigoonkraan

Een dag bij het havenerfgoed begint voor sommigen al voor de dageraad. Vrijwilliger Juul, de vroege vogel van de groep, is meestal vanaf zes uur ’s ochtends in de weer. Eén na één komen collega’s de groep vervoegen. Omstreeks half negen wordt er kort bijgepraat met een tas koffie en wordt het plan van de dag besproken. Het vrijwilligersteam kan putten uit een zeer diverse achtergrondgeschiedenis van zijn leden die elk vanuit hun eigen expertise een belangrijke schakel binnen de groep vormen. Zo zijn Juul en Roger de lasspecialisten van dienst, kan Freddy aardig wat sleutelen en weet Fred nagenoeg alles van elektrotechniek. Deze diversiteit heeft als voordeel dat tegelijkertijd gewerkt kan worden aan verschillende grote projecten. Een belangrijk aspect van hun takenpakket is de conservatie van zeldzame erfgoedobjecten. “Het huidige grote project waar we aan bezig zijn is de Antigoonkraan”, weet vrijwilliger Fred ons te vertellen. “Het is een havenvoertuig van begin jaren 50, hoogstwaarschijnlijk is zij de laatste in zijn soort. Het vele mechanische werk is ondertussen achter de rug, met veel geduld en moeite. Zonder enig plan of vorm van documentatie, bleek dit geen eenvoudige klus te zijn. Gelukkig kunnen we rekenen op het vakmanschap en de expertise van onze teamgenoten om samen deze problemen op te lossen.”

De vrijwilligers in actie

In kleine groepjes wordt er naarstig verder gewerkt. Schilderen, schuren, lassen, restauratie van alle mogelijke gereedschappen, … voor je het weet is het tijd voor een welverdiende koffiepauze waar naar goede gewoonte herinneringen uit ‘de goeie oude tijd’ worden bovengehaald. ”Dit is belangrijk”, zo getuigt Harry, de Benjamin van de groep: “Na een carrière van 43 jaar in de havenwereld als commerciële manager ben ik blij dat ik sinds mijn pensioen hier terecht kon. Ik ben altijd geïntrigeerd geweest door geschiedenis en hier bij het Logistiek en Maritiem Erfgoed kan ik mijn steentje bijdragen. Mijn technische kennis is eerder beperkt, maar hier kan ik gelukkig werken aan het grootschalige waarderingsproject van de collectie. Elk object wordt zorgvuldig opgemeten, gecatalogeerd en gefotografeerd. Sommige stukken zijn werkelijk uniek en kennen een uitzonderlijke geschiedenis, wat mij steeds weer weet te fascineren. De vele verhalen en boeiende anekdotes brengen de stukken weer tot leven.” Dezelfde passie en motivatie wordt ook gedeeld door de rest van de groep.

De technische know-how van de vrijwilligers komt goed van pas

Doorheen de jaren werden meerdere grootschalige conservatieprojecten afgewerkt. Voor vrijwilliger Martin is dit van essentieel belang. “Ons doel is om hiermee het maritiem erfgoed te bewaren en te behouden voor de volgende generaties. De Antwerpse haven en haar arbeiders zijn wereldwijd bekend vanwege hun vakwerk en professionaliteit. Helaas gaat deze geschiedenis snel verloren. De generatie waarvan ik de stiel leerde is nu tussen de 75 en 91 jaar oud. Handelingen en gereedschap van toen worden niet meer gehanteerd. We zien het dan ook als onze taak om dit belangrijk erfgoed door te geven aan de volgende generaties. Door onze inzet hier in magazijn Argentin hopen we dit te kunnen verwezenlijken.”

De diversiteit aan collectiestukken is enorm!

Tot ongeveer 12 uur wordt er verder gewerkt aan de verschillende projecten bij het havenerfgoed. Tijd voor de welverdiende ‘schaft’. Vaak is het vrijwilliger Jacques, jarenlang scheepskok geweest, die de rest van de groep verrast met soep of een warme maaltijd. Aan tafel worden niet zelden oude herinneringen opgehaald waarbij talrijke anekdotes uit het havenleven de revue passeren. Samen dromen zij ook over de toekomst. “Hopelijk kunnen we binnenkort onze deuren weer openen voor groepen. Op deze manier zouden we onze passie, maar vooral ook deze bijzondere collectie, terug kunnen delen met het grote publiek.”

Kijk mee achter de schermen naar de restauratiebehandeling van een van de oudste olieverfschilderijen uit de collectie van The Phoebus Foundation. Daterend uit ca. 1418-25 is het kunstwerk nog ouder dan het befaamde Lam Gods van de gebroeders van Eyck (1432). Bestaande uit vier panelen, gewijd aan de Maagd Maria, maakte het oorspronkelijk wellicht onderdeel uit van een groter altaarstuk.

Onbekende meester, Vier panelen met scènes uit het leven van de maagd Maria (voor restauratie), ca. 1418-1425

Wie goed kijkt ziet dat de kunstenaar al erg vooruitstrevend was door schaduw af te beelden bij zijn figuren waardoor ze een driedimensionaal karakter krijgen. Een technische slagschaduw ontbreekt echter nog, wat aangeeft dat we ons op een belangrijk kantelpunt in de Westerse kunstgeschiedenis bevinden. Om die reden werd er recent voor gekozen om een uitgebreide conservatiebehandeling op te starten. Tijdens de restauratie hopen we meer te weten te komen over de geografische herkomst van de panelen en over de gebruikte methoden en materialen van de schilder.

Mechanische reiniging van de verflagen

Bij aanvang van de restauratie bleek dat zowel de uitvoering als de vergulding op het paneel zich in een goede staat bevinden. De behandeling voorziet vooral het verwijderen van verouderde vuillagen zodat de sprankelende kleuren terug vrij gelegd kunnen worden. Het schilderij in zijn geheel, maar vooral de verguldingen, zijn erg fragiel, waardoor bijzondere voorzichtigheid geboden is. Door middel van metalen priemen of pons maakte de kunstenaar in de 15de eeuw kleine indrukken in het bladgoud om zo de florale motiefjes in de hemel te bekomen die dit werk zo bijzonder maken. Deze motiefjes werden tijdens de restauratiebehandeling eindelijk terug zichtbaar doordat opgehoogd vernis en vuil eruit verwijderd werden. 

Detail van het reinigen van het ponsmotief

De conservatiebehandeling wordt verspreid over drie jaar en wordt uitgevoerd door Sven Van Dorst, hoofd van het restauratieatelier van The Phoebus Foundation, in samenwerking met Hilde Weissenborn, zelfstandig restaurator gespecialiseerd in de behandeling van 15de en 16de-eeuwse Vlaamse meesters.

Restauratoren Hilde en Sven aan het werk

Speciaal voor Thuis bij Jordaens ondergingen verschillende werken van Jacob Jordaens een uitgebreide restauratiebehandeling. Restauratoren Jill en Ellen Keppens nemen je mee achter de verflagen van Slapende Antiope benaderd door Jupiter (1660).

Voor restauratie

“Dit schilderij deed ons denken aan een oude bekende! Een paar jaar geleden restaureerden we een haast identieke schone slaapster van Jordaens; Psyche. Deze keer gaat het om Antiope, vergezeld door Jupiter die vermomd als sater, het doek van haar lichaam afneemt.”

Tijdens restauratie

“Jordaens en zijn tijdgenoten hielden van dit erotische thema en vooral van het contrast tussen Antiope’s porseleinen naakte huid en de lelijkheid van Jupiter. Deze tegenstelling geraakte echter helemaal bedekt onder een dikke vernislaag. Tijdens de afname van de vernis en de oude retouches kwamen niet alleen de prachtige kleuren maar ook Jordaens’ schetsmatige techniek terug aan het licht. De vleugels van de arend zijn met een paar vlotte borstelstreken van verdunde bruine verf geschilderd, waaronder de grijze kleur van de grondlaag doorschemert. In zijn veren bracht Jordaens nog enkele felblauwe dikke toetsen aan.”

Na restauratie

“Deze schetsmatige zones en het eerder beperkte formaat doen twijfelen aan het doel van dit schilderij. Was het een afgewerkt schilderij? Onderdeel van een uitgewerkte voorstudie? Of diende het als voorbeeld voor een klant?”

Hoe dan ook: dit schilderij is terug thuis bij Jordaens in het Frans Hals Museum te Haarlem!